De geschiedenis van Persijn

In 1668 begon de ontwikkeling van de buitenplaats Persijn. Sophia van Vermeer, de weduwe van Adriaan van Persijn (1610-1655) kocht gronden ten noorden en ten zuiden van de Achterweteringsedijk.

2021
Nieuw bestemmingsplan

Na een unanieme stemming in de gemeenteraad, is in feburari 2021 het nieuwe bestemmingsplan in werking getreden waarmee onze plannen duurzaam en toekomstbestendig kunnen worden uitgevoerd.

2020
Aankoop 'Hoeve Persijn'

In 2020 hebben wij Hoeve Persijn met in totaal 10 hectare aan weidegrond bijgekocht. Gezien het belang van een biologische agricultuur, dragen wij mede op deze manier bij aan een gezonde omgeving.

2019
Aankoop gronden

In 2019 hebben wij 5 hectare weiland aan de noordkant bijgekocht. Hoewel dit bij aankoop weidegrond was, hoorde het oorspronkelijk bij de tuinen van het landgoed. De tuinen kunnen nu worden teruggebracht tot het originele ontwerp.

2017
Nieuwe eigenaar

In 2017 zijn wij eigenaar geworden van het landgoed. Wij hebben ons tot doel gesteld om het landgoed en de tuinen in de oorspronkelijke staat te restaureren. Hierin nemen wij het originele ontwerp van Hendrik Copijn als leidraad.

1992
Eerste poging tot restauratie

In 1992 is een start gemaakt met een eerste poging tot restauratie. Deze restauratie is niet conform originele ontwerpen gedaan.

1982
Orthopedagogisch Project Leefeenheden

Sinds 1982 werd het huis gebruikt door het Orthopedagogisch Project Leefeenheden, later Lijn 5 genaamd.

1956
Stichting De Opbouw

Na de zwarte jaren, verkrijgt Stichting De Opbouw in 1956 het eigendom van Landgoed Persijn. Het park is rond het huis nog enigszins gewijzigd. Er zijn borders aangelegd In het grote gazon. Een aantal jaar later wordt circa 10 hectare landbouwgrond verkocht aan de toenmalige pachter.

1945
Zeven jongens tijdens razzia ondergedoken in een gierput

Tijdens een razzia op zondag 14 januari 1945 doken en aantal buurjongens onder in een gierput achter het koetshuis van huize Persijn.

1943
"Een kijkje bij onze arbeidsmeisjes"


1939-1945
Leegroof en verdere schade

Het is onbekend in exact welke mate, maar dat Landgoed Persijn kort voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog is leeggeroofd en uitgewoond, is evident. Dit is letterlijk van toepassing op het Landhuis. Verder worden de paardenstal, de koetsierswoning, de kassen en de orangerie gesloopt. De resterende boomgaard wordt omgevormd tot grasland. De resterende vijverpartijen worden gedempt en omgezet naar weilanden.

1919
Nieuwe eigenaar en onherstelbare schade

De familie van Hengst blijft eigenaar tot 1919. In dat jaar verkrijgt een houthandelaar het eigendom van Landgoed Persijn. Illegaal wordt een groot deel van het bos gekapt en wordt onherstelbare schade aangericht.

1913
Landgoed en boerenhofstede in de verkoop
1910
Gezicht op de achtergevel van het landhuis Persijn.
1892
Oude landschappelijke aanleg

Topografische kaart (1892) met de oude landschappelijke aanleg. Opmerkelijk zijn de brede zichtas in zuidelijke richting en de laan die vanaf het gazon naar het noorden loopt, parallel aan de Tolakkerweg, de huidige Kon. Wilhelminaweg.

1878
Sloop en bouw landhuis

In dit jaar wordt het landhuis gesloopt. Op dezelfde plaats wordt het landhuis gebouwd zoals we dit momenteel kennen. De sloop en bouw wordt uitgevoerd door architectenbureau Wentink en tegelijk met de bouw van het landhuis wordt ook een orangerie, een koetsierswoning en een stalling gebouwd.

1876
Modernisering park door Hendrik Copijn

In 1876 is Hendrik Copijn betrokken bij een herontwerp van Landgoed Persijn. Bij deze modernisering zijn belangrijke delen van de oude aanleg gehandhaafd, zoals de grote slingervijver, een groot deel van de laan langs de slingervijver, het vijvertje met de kronkelsloot bij het huis en de oprijlaan. Aan de oostkant is het bos onderbroken om een ruime zichtlijn te creëren. De zichtlijn naar het zuiden is versmald, waardoor het uitzicht meer dan vroeger gefocust is op de Utrechtse Domtoren. Aan de noordkant, waar een groot deel van de slingervijver is verdwenen doordat de percelen in grasland zijn veranderd, heeft men de vijver beëindigd door een smaller wordende kronkelende sloot naar het westen aan te leggen. Kenmerkend voor ontwerpen van Hendrik Copijn is het gebruik van vele verschillende voor die tijd exotische bomen. Boomgroepen van paardenkastanje, rode beuk, groene beuk en eik geven het park allure, aangevuld met parkbomen als mammoetboom, treurbeuk en enkele naaldbomen. Zeer monumentaal is de grote groep rode beuken aan de oostkant van de slingervijver.

1857
"Verkooping op Persijn in de Achterwetering"
1849
Bouw tuinmanshuis

In 1849 wordt het tuinmanshuis gebouwd. Het tuinmanshuis is heden ten dage voor voorbijgangers te herkennen als het huis dat het meest dichtbij de Achterweteringseweg is gesitueerd.

1836
Verkoop van werkhout
1824
Vergroting landhuis

Het in 1810 gebouwde landhuis wordt verbouwd. Belangrijk onderdeel van deze verbouwing is dat het landhuis vergroot wordt, en daarmee meer oppervlakte in beslag neemt.

1810
Stalbrand

In een direct naast het landhuis gelegen stal breekt brand uit en deze brandt tot de grond toe af. Een nieuwe stal wordt een eind verder achter het landhuis gebouwd.

1797
Aankoop nieuwe gronden

Door de aankoop van nieuwe gronden groeit het bezit naar 39 morgen en 165 roeden (ca 36 hectare). De landerijen strekken zich in noordelijke richting uit tot het Gooi. Verder naar het noorden liggen bossen en weilanden. Het parkbos krijgt lokaal de bijnaam “Hengstebos”, naar de familienaam van de eigenaar.

1789-1790
Bouw eerste landhuis

De oorspronkelijke boerenhofstede wordt gesloopt en omgebouwd door het eerste landhuis. Net als meerdere buitenplaatsen in de omgeving wordt een plek voor de bouw uitgekozen die relatief ver van de weg af is.

1781-1786
Aanleg park

Volgens archieven van de familie van Hengst uit de periode 1900-1920 is tussen 1781 en 1786 “deze plaats tot eene Buitenplaats is aangelegd geworden, met hakhout en opgaande bomen beplant”. De ideeën voor deze landschapsstijl sluiten aan bij de reeds sinds ca. 1720 in Nederland toegepaste natuurlijk slingerende padenpatronen in hakhoutbossen.

1767
Vergroting oppervlakte

Hendrik Jacob van Hengst erft Persijn in 1767 en vergroot het oppervlakte van Persijn tot 26 morgen en 165 roeden. Dit komt naar schatting neer op 25 hectare. 'Morgen' en 'roeden' zijn oude oppervlaktematen, waarbij moet vermeld worden dat dit per regio verschilt. Zo is volgens bronnen een Biltse morgen omgerekend 0,92 hectare, terwijl een Gooise morgen 0,96 hectare is. Over het algemeen vormen 600 roeden 1 morgen.

1721
Eigendom familie van Hengst

De familie van Hengst erft in 1721 Persijn en wordt daarmee eigenaar van de buitenplaats. Deze familie laat hofstede Persijn tot een riante buitenplaats verbouwen.

1668
Start ontwikkeling Persijn

Sophia van Vermeer, de weduwe van Adriaan van Persijn (1610-1655) begint met het aankopen van gronden ten noorden en ten zuiden van de Achterweteringsedijk. Waarschijnlijk gaat het in eerste instatie om een boederij met bijbehorende landerijen. Aanvankelijk heeft de boerderij vermoedelijk als tijdelijk buitenverblijf van de familie gediend en zal er een herenkamer zijn geweest.